Orthopedische aandoeningen

Een baby kan geboren worden met een klompvoetje of hemimelie van het onderbeen. Door verkeerd te liggen in de baarmoeder of meteen na de geboorte kunnen jonge kindjes een afgeplat hoofdje of plagiocephalie ontwikkelen. Craniosynostose, een musculaire torticollis of arthrogryposis dienen reeds vroeg opgevolgd te worden om mobiliteit, spierkracht en functionaliteit te verbeteren.
Jonge kinderen met hypermobiliteit hebben soms moeite met het aanhouden van een goede houding of het maken van snelle krachtige bewegingen. Wanneer ze frequent de W-zit aannemen draait de heup naar binnen en de onderbenen naar buiten. Dit patroon kan zichtbaar zijn tijdens het stappen (over de eigen voeten vallen).
Oudere kinderen of jongeren met afwijkingen in de houding van de rug (kyfose, scoliose of lordose) kunnen baat hebben bij oefeningen die de romp versterken en zich bewust maken van hun houding.
Habituele tenenlopers hebben risico op het verkorten van de kuitspier. Stretchen en gangre√ęducatie zijn belangrijk. Ouders worden ingeschakeld om thuis op de juiste manier te blijven stretchen.